Jeugdhulpregio’s geven weinig aandacht aan managen risico’s

17-6-2015

De transities in het jeugdhulpstelsel hebben de gemeenten voor flinke uitdagingen gesteld. Men moest in korte tijd een nieuw en voor velen onbekend beleidsterrein zien te organiseren, terwijl een efficiencykorting van tot wel 40% werd opgelegd. Omdat een regionale organisatie op een aantal terreinen efficiënter is, en om capaciteit en kennis te bundelen, zijn in het hele land regionale samenwerkingsverbanden opgezet. Hoewel de verbanden sterk verschillen in (juridische) vorm, grootte en takenpakket, komen ze wel grotendeels voor dezelfde risico’s te staan. Hoe wordt gehandeld wanneer een gecontracteerde zorgaanbieder failliet gaat? Wat als er capaciteitstekorten optreden? Hoe kan de democratische legitimiteit gewaarborgd worden als de uitvoering verder van de gemeenteraad komt te staan? En wat moet er gebeuren als de gemaakte kostenvereveningsafspraken niet tot voldoende lokale inzet aanzetten?

 

Oog voor risico’s

Het is opvallend om te zien dat in de aanloop naar de transitie veel regionale samenwerkingsverbanden geen of weinig aandacht hebben besteed aan risico’s als deze. Uit een studie van de regionale transitiearrangementen en andere regionaal opgestelde beleidsdocumenten blijkt een kwart van de regio’s helemaal geen aandacht heeft besteed aan risico’s. Van de regio’s die het wel hebben over risico’s, heeft ruim de helft alleen aandacht voor financiële risico’s (zoals het beheersen van de frictiekosten en het omgaan met een te laag budget). Aan veel andere risico’s wordt weinig aandacht besteed. Zo heeft slechts een vijfde van de regio’s het over juridische risico’s, en kijkt één op de tien regio’s naar risico’s die optreden bij het organiseren van de informatievoorziening.

Risicomanagement blijft achter

Een interessante constatering is dat, hoewel driekwart van de regio’s wel oog heeft voor risico’s, slechts 20% daadwerkelijk aandacht besteedt aan risicomanagement. Er is dus wel gepoogd om (een aantal) risico’s in kaart te brengen, maar er is veelal niet gesproken over hoe deze risico’s beheerst kunnen worden. Kortom, het is de vraag of de 42 jeugdhulpregio’s wel voldoende voorbereid zijn op de risico’s die zijn ontstaan na de transitie van 1 januari 2015.

En in de praktijk? Bovenstaande bevindingen zijn gedaan in de eerste fase van een onderzoek naar risicomanagement in de regionale samenwerkingsverbanden voor de jeugdhulp. In de eerste fase is vooral gekeken naar hetgeen aan de voorkant is geregeld. Inmiddels zijn de jeugdhulpregio’s een half jaar onderweg en kan de praktijk zich verder hebben ontwikkeld. De tweede fase van het onderzoek, die inmiddels is gestart, richt zich op de verschillen tussen de ‘papieren’ situatie en die in de praktijk.

Erik Koopman doet vanuit WagenaarHoes onderzoek naar risicomanagement in de regionale samenwerkingsverbanden voor de jeugdhulp, in het kader van zijn afstudeerstage voor de masteropleiding Bestuurskunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen. De resultaten van zijn onderzoek zullen ook worden ingebracht tijdens een rondetafelbijeenkomst over dit onderwerp die WagenaarHoes i.s.m. PRIMO Nederland organiseert. Voor meer informatie over het onderzoek en de rondetafelbijeenkomst kunt u contact opnemen met Erik Koopman, erik.koopman@wagenaarhoes.nl of Alinda van Bruggen, alinda.van.bruggen@wagenaarhoes.nl

Deel deze pagina