Rob Wagenaar
8-8-2019

In 1920, volgend jaar 100 geleden, werd een adviesbureau opgericht door de heren Hijmans en Van Gogh: het Organisatie Advies Bureau. Dit bureau was het eerste in onze professie in Nederland en ook wereldwijd één van de voorlopers. McKinsey stamt uit 1926 om eens een benchmark te zetten. We kunnen dus zeggen dan ons beroep in Nederland begin 1920 haar institutionele start had. Tijd voor een feestje?

Wie het verleden niet kent, zal geen greep krijgen op de toekomst.

In het bekende kleurenpatroon van Management Drives scoor ik zeer matig op de kleur paars. Paars staat voor tradities en rituelen, voor besef van de historie en de lange lijn. Een column gewijd aan de historie van het adviseren, heeft duidelijk paarse trekken. Veel adviseurs zijn als persoonlijkheid en in hun beroep niet paars. Het riekt naar vasthouden aan oude waarden en niet willen veranderen. Maar wij weten ook dat het kennen van organisaties en de mensen die daar werken, zeker het kennen van hun verleden betekent. En dat veranderen niet lukt als je niet aansluit op dat verleden.

Als ik mijn zomerreces in ga, pleeg ik voor mijn boekenkast te gaan staan en daar een paar half gelezen of zelfs niet-gelezen boeken uit te halen om in rust tot me te nemen. Dit keer zat daarbij “De organisatie-adviseur” van Peter Hellema en Joop Marsman uit 1997. Ik heb het zeer gedegen werk over de op- komst en groei van ons vak tussen 1920 en 1960 met zeer veel plezier van kaft tot kaft gelezen. Met terugwerkende kracht veel respect voor dit opus magnum van de heren Hellema en Marsman van 22 jaar terug. Het boek vertelt van de pioniers in ons vak: Hijmans, van Gogh, Louwerse, Rentenaar, Hijner Berenschot, Ydo, Bosboom, Hegener, vrijwel zonder uitzondering ingenieurs. Wat later kwamen de accountants (Starreveld) en de sociale wetenschappers, waaronder iemand als de Quay, de later premier. Het was een klein groepje van persoonlijkheden die kenmerkend was voor ons vak toen.

l'histoire se répète

Het is lastig de vele punten van herkenning samen te vatten die de in het vak ervaren lezer bladzij na bladzij opvallen. Dat de geschiedenis zich herhaalt is zeker een rode draad voor mij. Het vak en de samenwerking van organisatieprofessionals in een bureau kent onwrikbare wetmatigheden die toen golden en nu ook nog elke dag aan de orde zijn. De relativiteit van je toegevoegde waarde en de tijdelijkheid daarvan omdat je klant het kunstje ook heeft geleerd, het is van alle tijden. Maar ook het “steal with pride” van wat er elders op de wereld was verzonnen, in die jaren vooral Amerikaans gedachtengoed, is ook nu dagelijkse praktijk. Een boeiend voorbeeld is bijvoorbeeld een succesvolle vooroorlogse Zwitserse opleidingsmethodiek (“de Versnelde Scholing”) die later met wat verbeteringen weer in Zwitserland werd geherintroduceerd. Ook prachtig hoe al snel over weerstand tegen veranderingen werd nagedacht en er aanpakken kwamen, toen “invoeringstactiek” genoemd.

Toch een vak?

Het klinkt raar maar in de herkenning van wat toen relevant was, haal ik eens te meer de overtuiging dat organisatieadvies wel degelijk een professie is. Dat bepaalde problemen niet tot echte oplossingen komen (bureaustructuur bijvoorbeeld), betekent niet dat er geen noemers zijn in het samenwerken van adviseurs vis a vis hun cliënten. Alles beweegt bij ons rare volkje, maar wel met gekende patronen. Vandaar dat ik de oprichting van het eerste adviesbureau een memorabel feit vind. En dat moet zeker gevierd worden. 100 jaar organisatieadvies in Nederland. Wie pakt deze handschoen op?

Noot: De organisatie-adviseur, Opkomst en groei van een nieuw vak in Nederland. H.J.P. Hellema en J.H. Marsman, Boom Amsterdam 1997, ISBN 90 5352 312 x

 

 

Deel deze pagina