Download het artikel

Kansen in de crisis

rondetafelconferentie duurzaam ondernemen

1-7-2009

Duurzaam ondernemen, kent u die uitdrukking? Deze rondetafelconferentie gaat erover. We gaan ook praten over de zegeningen van de recessie. Prima. Ik stel voor dit wel met gesloten ramen en deuren te doen zodat de werklozen op straat niets horen.

Ondernemen of niks doen?

Niks doen is goed voor het milieu. Menselijk handelen verstoort de natuurlijke balans en kost energie. Maar niks doen is geen optie, want ons systeem is gebaseerd op productie en groei. En schaarste, want daarmee verdien je geld. Lucht kost niets. Nog niet. En dus ondernemen we. We gebruiken grondstoffen, zuigen schone lucht op, gebruiken schoon water en plegen mijnbouw. En de producten die ontstaan uit deze energieslurpende nijverheid kopen we met geleend geld. Ziet u een probleem opdoemen? Duurzaam ondernemen kan ook. En dan heb ik het niet over leiderschapscursussen organiseren op de Zuidpool voor het complete middenkader zoals AKZO Nobel onlangs deed. Ik heb het over je bekommeren om elke schakel in het productieproces. En nadenken over wat voor een product je nu eigenlijk maakt. Wellicht handig om nog één keer de definitie van duurzame ontwikkeling uit het Brundlandt-rapport te noemen: “een ontwikkeling waarbij de huidige wereldbevolking in haar behoeften voorziet zonder de komende generaties te beperken om in hun behoeften te voorzien.” Had de auto-industrie dit maar gedaan. Laten we eens kijken naar wat de auto nu werkelijk is, namelijk een brok ijzer en plastic van duizend kilo. We hebben dus een apparaat nodig van duizend kilo om een lichaam van gemiddeld 80 kilo te verplaatsen. Een SUV weegt zo’n 1600 kilo. En dat heet vooruitgang. Nu de makers verantwoordelijk voor dit non-product in de problemen zitten, heet het crisis. Maar voor wie eigenlijk? Ik zie een schaarste van een andere soort verdwijnen, die van schone lucht, ruimte en stilte.

Crisis en schaarste

Het is nooit crisis en het is altijd crisis. Het ligt eraan waar je woont. In grote delen van de wereld is het vanwege structurele schaarste altijd crisis. Wij in het welvarende westen hebben van alles meer dan genoeg. Bij ons is het crisis als we minder kunnen krijgen dan we gewend zijn. Iedereen leeft in schaarste, we hebben immers maar één aardbol en zoals de gemiddelde Nederlander consumeert, hebben we er ruim twee nodig. Het verschil tussen de haves en de have-nots is dat wij kunnen doen alsof er geen schaarste is. Maar we houden onszelf voor de gek. Het label van schaarste hebben we op consumentisme geplakt terwijl het hoort op zaken als leefbaarheid, continuïteit, schone lucht, veiligheid en schoon water.
Wat is de rol van de overheid? Uiteraard hebben wij een voorbeeldfunctie. Het programma Duurzaam inkopen bijvoorbeeld, stimuleert kritisch inkopen van producten en diensten. Het zogeheten launching customership. Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen dwingen hun toeleveranciers kritisch naar hun leveranciers te kijken en om maatschappelijk verantwoord te ondernemen. De keten moet duurzaam worden en de overheid zet de eerste stap.

Naar een duurzame economie

Met de plannen voor de isolatie van woningen, scholen en zorginstellingen investeren we fors in de duurzame economie. Dat is niet alleen goed nieuws voor het milieu, maar ook voor al die tienduizenden werknemers in de bouw, die nu onzeker zijn over hun werk. En als het werk gedaan is, merken huurders de energiebesparing in de portemonnee. We pompen bijna 400 miljoen in nieuwbouwprojecten in de binnensteden, herstructureren van oude wijken en het opknappen van openbare ruimten. Met de extra windturbines op de Noordzee kunnen zeker een kwart miljoen huishoudens van schone energie worden voorzien. Het nieuwe, uitgebreide systeem voor de financiering van duurzame energie is een ware groene revolutie.Tot in de verre toekomst biedt de overheid bedrijven nu investeringszekerheid voor duurzame energie. Zij kunnen dus met een gerust hart in windmolens, zonnepanelen, biogasinstallaties en bodemenergie stappen. Bijkomend voordeel is dat binnenkort duurzaam gewonnen stroom voorrang krijgt op het elektriciteitsnet. Als het hard waait, moeten de kolencentrales uit. Maar al deze maatregelen zouden voor een ondernemer irrelevant moeten zijn. Natuurlijk, wij moeten de zaken faciliteren. Maar de overheid is er om het algemeen belang te dienen. We moeten er zijn voor elke Nederlander. Ook de niet-ondernemers. Nu mag ik hopen dat elke ondernemer zich bewust is van zijn verantwoordelijkheid voor toekomstige generaties. Dusdanig ondernemen dat er voor volgende generaties nog wat overblijft is overigens ook in uw belang. Het belang van de visboer die wil dat zijn kleinzoon op een dag het bedrijf runt, is niet alleen een groter wordende markt, maar ook de gegarandeerde toevoer van vis. Een schone zee dus.

De paradox van de vooruitgang

Verduurzaming begint met het vermogen tot zelfkritiek. Is wat ik maak echt nodig? Is wat ik koop echt bruikbaar? Dus zeg ik ook: duurzaam ondernemen begint met duurzaam consumeren. Als consument steek ik de hand in eigen boezem. Waarom diepvriesvis eten dat uit Vietnam overgevlogen is wanneer we kunnen genieten van een forel uit eigen wateren? Waarom vis eten? Op de vismarkten van Parijs wordt zalm verhandeld die meer kilometers op land heeft afgelegd dan bij leven in water. De schelpdieren die op het Wad voor het oprapen liggen worden verscheept naar Spanje. Wij Hollanders eten het niet, behalve wanneer we op vakantie zijn in Spanje – dan genieten we volop van de Spaanse keuken. Ik wil graag eindigen met een stukje tekst uit het boek New Green Deal van Wouter van Dieren. Hij beschrijft de paradox van de vooruitgang met een verwijzing naar de bouw van de Toren van Babel: “Na een eeuw bouwen kost het echter zo veel energie en grondstoffen om de onvoltooide toren te onderhouden dat er niets meer over is om het enorme gevaarte af te maken. Tot in de wijde omtrek zijn de grondstofreserves uitgeput, en op de lange reis naar boven worden volle ezelwagens en ossenkarren ten slotte alleen nog gebruikt voor alle noden onderweg. Beneden bij de oprit zitten echter nog steeds wat economen in een kantoortje alle voorbijgaande goederen te tellen als economische groei.” We weten hoe het afliep met die Babyloniërs. We zijn gewaarschuwd.

Deel deze pagina